Effectgrootte bekijken: overlap, superioriteit, benodigde groepsgrootte
Kort
De effectgrootte d geeft aan met hoeveel standaardafwijkingen twee groepen gemiddeld verschillen. Met de schuifregelaar is te zien hoe twee klokvormige krommen uit elkaar schuiven: bij d = 0,2 liggen ze bijna over elkaar, bij d = 0,8 duidelijk verschoven, maar nog steeds overlappend.
Wat de getallen betekenen
- Overlap: het aandeel van het oppervlak dat beide krommen gemeen hebben.
- Aandeel boven het gemiddelde van de andere groep (U3 van Cohen): hoeveel van de “betere” groep liggen boven het gemiddelde van de andere?
- Superioriteitskans: als uit elke groep één persoon wordt getrokken, hoe vaak heeft die uit de “betere” groep de hogere waarde? Bij d = 0 is dat 50%.
- Benodigde groepsgrootte: benadering voor een tweezijdige toets met α = 5% en een power van 80%; de pagina “Onderzoek plannen” rekent nauwkeuriger.
Let op
“Klein”, “middelgroot” en “groot” zijn afspraken (Cohen 1988) voor de gedragswetenschappen. In de geneeskunde kan d = 0,2 heel belangrijk zijn, in het onderwijs is d = 0,4 al veel. De figuren gelden voor twee even breed gespreide normale verdelingen; bij scheve data zien ze er anders uit.