Welke groepen verschillen? (paarsgewijze vergelijkingen, variantieanalyse van Welch)
Kort
Bij een groepsvergelijking met drie tot twaalf groepen zegt de variantieanalyse alleen dat minstens twee groepen verschillen. Is de totaaltoets duidelijk (p < ,05), dan verschijnt onder de uitkomst het onderdeel “Welke groepen verschillen?”. Is die niet duidelijk, dan toont Statable geen paarsgewijze vergelijkingen (een gangbare conventie om niet in het toeval te gaan zoeken).
De drie soorten
- Games-Howell: heeft geen gelijke spreiding nodig en houdt de foutenkans op peil, ook bij groepen van verschillende grootte. De standaard in Statable, zonder voortoets.
- Tukey: veronderstelt gelijke spreiding in de groepen.
- Bonferroni: streng en eenvoudig, elke p wordt met het aantal paren vermenigvuldigd. Handig als maar enkele paren ertoe doen.
De keuze staat als schakelaar op de pagina; een wijziging past de tabel meteen aan, zonder opnieuw te berekenen. De keuze wordt met het project opgeslagen en gaat mee naar het rapport, Word en Excel.
Variantieanalyse van Welch
Het hoofdresultaat is altijd de variantieanalyse van Welch; de klassieke staat ernaast. De analyse van Welch heeft geen gelijke spreiding nodig en kost bij gelijke spreiding vrijwel niets. De toets van Levene toont Statable alleen ter beschrijving: kiezen op grond van deze voortoets zou bij groepen van verschillende grootte te vaak een verschil melden dat er niet is. η² en ω² komen uit de kwadratensommen van de klassieke analyse en zijn zo aangeduid.
Het resultaat lezen
Elk paar toont het verschil tussen de gemiddelden, het betrouwbaarheidsinterval en de gecorrigeerde p. Een paar zonder duidelijk verschil betekent niet “gelijk”, alleen “geen duidelijk bewijs”. Bij veel groepen groeit het aantal paren en wordt elk verschil moeilijker aan te tonen.
Typisch voorbeeld
Drie doses van een training (0, 5 en 10 uur) en prestatie: de variantieanalyse van Welch is duidelijk. Games-Howell laat zien dat 0 en 10 uur verschillen, maar 0 en 5 en ook 5 en 10 niet.
Welch-analyse: F(2; 76,4) = 8,12, p < ,001; Games-Howell: 10 u tegenover 0 u, p = ,002